Correspondentie van H. van den Briel, 1931-1954.

Identifier
MF2420137
Language of Description
Dutch
Alt. Identifiers
  • 590-593
Dates
1 Jan 1931 - 31 Dec 1954
Level of Description
Other
Source
EHRI Partner

Scope and Content

Dagboeken van Hector van den Briel en echtgenote Coos van den Briel-Frank zijn te vinden in toegang 244: Europese dagboeken en egodocumenten, inventarisnummer 1876.

Note(s)

  • Correspondentie van Hector van den Briel, die in 1934 trouwde met Geertruida Cornelia (Coos) van den Briel-Frank. Het echtpaar woonde in Aerdenhout en had twee jonge kinderen: Wiesje en Jet. Als kandidaat-notaris werkte Hector op meerdere plaatsen in Nederland. Na te zijn gemobiliseerd vocht hij in de meidagen van 1940 aan de Grebbelinie. In oktober 1940 werd Hector gearresteerd door de Sicherheitsdienst (SD) te Amsterdam wegens het beledigen van de Duitse Wehrmacht. Vanuit het Huis van Bewaring aan de Weteringschans schreef hij zijn echtgenote: "De mobilisatie. De Grebbeberg overleefd. En nu dit. Dat je het nog uithoudt met een man die nu al zo lang van huis is.'' Veroordeeld tot zestien maanden gevangenisstraf werd hij in januari 1941 overgeplaatst naar een gevangenis te Bochum in het Duitse Ruhrgebied. Na zijn vrijlating probeerden Hector en zijn gezin hun oude leven weer op te pakken: veel tijd werd doorgebracht in Amsterdam, waar warenhuizen, restaurants en bioscopen werden bezocht, al dan niet in het gezelschap van familieleden en vrienden. Bijzonder geliefd waren Cafe Schiller en Theater Tuschinski (in Duitse handen Tivoli geheten). Na zich in de zomer van 1943 te hebben onttrokken aan aanmelding in krijgsgevangenschap dook Hector onder in de stad, waar hij illegaal werk verrichtte ten aanzien van de verzorging en huisvesting van joodse kinderen. In september 1944 sloot hij zich aan bij de Binnenlandse Strijdkrachten.

This description is derived directly from structured data provided to EHRI by a partner institution. This collection holding institution considers this description as an accurate reflection of the archival holdings to which it refers at the moment of data transfer.